De rups, gebonden aan de aarde, dag en nacht,
Zoekt heel tevreden naar zijn dagelijks groen,
krijgt regen en wat zon, meer is er niet te doen,
hij is nog onbewust van ´t wonder dat hem wacht.
Dan komt er onrust en hij sluit zich op
in een cocon van zelf gesponnen draden,
Hij zet zich vast door op zichtzelf gerichte daden,
niets wetend van het stille groeien in zijn pop.
Totdat hij openbreekt, geheel vernieuwd en goed,
met vleugels van onzegbare kleurenpracht,
en met ongekende, nieuwe kracht
stijgt hij omhoog, de hemel tegemoet.

Geen opmerkingen:
Een reactie posten
Laat een reactie achter