maandag 23 juli 2012


Het is een langzaam en smartelijk proces, het geboren worden tot werkelijke innerlijke zelfstandigheid. Het steeds zekerder weten dat er bij anderen geen, nooit hulp en steun en toevlucht voor je is. Dat de anderen even onzeker en zwak en hulpeloos zijn als jezelf. Dat jij altijd de sterkere zult moeten zijn. Ik geloof niet dat het in je aard ligt dat je het bij een ander zult kunnen vinden. Je wordt altijd weer teruggegooid op jezelf. Er is niets anders. De rest is fictie. Maar dit iedere keer te moeten erkennen. Er zit toch altijd de drang in je je te verliezen in een ander.

Ik ben toevertrouwd aan mezelf en zal het met mezelf moeten klaarspelen. De enige maatstaf die je hebt ben je zelf. Ik herhaal het iedere keer weer. En de enige verantwoordelijkheid die jij in je leven op je zult moeten nemen is die voor jezelf. Maar dat moet je dan ook ten volle doen.

Je wordt soms afgeleid door de schokkende gebeurtenissen om je heen dat je later maar moeizaam de weg tot jezelf terug kunt banen. En toch moet dat. Je mag niet ten onder gaan in de dingen om je heen, uit een soort schuldgevoel. De dingen moeten in jou tot klaarheid komen, je mag niet zelf in de dingen ondergaan.

Etty Hillesum
Juni 1942