zaterdag 8 september 2012

Over jaloezie


... is een heel destructief gevoel: het tast je gevoel van eigenwaarde aan, het gevoel van wie jij bent. Jaloerse mensen hebben vaker last van depressies en angsten, en krijgen vaker te maken met persoonlijke en professionele mislukkingen. We zijn allemaal jaloerser dan vijftig jaar geleden en dat hangt samen met de opkomst van het gelijkheidsideaal: het mooie maar volkomen onhaalbare idee dat we het allemaal kunnen maken, àls we maar genoeg ons best doen. Veel politici promoten zichzelf daar ook mee: dat ze hard werken om ervoor te zorgen dat de lat voor iedereen gelijk ligt. Het punt is: we zijn niet allemaal gelijk. Dat is een misverstand, en dat misverstand leidt tot jaloezie.

Jaloers ben je nooit op de koningin: dit is te bizar, die staat te ver van je af. Jaloers ben je alleen op mensen die je als je gelijken ziet - en in die categorie valt nu bijna iedereen. In een samenleving waarin iedereen zogenaamd gelijk is, is het normaal dat jij wil hebben wat anderen hebben.

Bladen en TV-documentaires geven ons het gevoel dat wij ook zouden kunnen wat Bill Gates kan, àls we maar een garage hadden, wat software en een paar vrienden op de juiste plek. Frustratie verzekerd. En dan heb ik het nog niet over de vreselijke zelfhulpboeken waar we de laatste vijftig jaar mee worden doodgegooid, allemaal met titels als: 'Awaken the Giant within!' of 'You can do it!'. Ze pompen mensen vol hoop, ook als die hoop er gewoon niet is.

De media praten ons dingen aan die we niet nodig hebben, gewoon omdat onze buren en vrienden ze ook hebben. We willen dat ons huis, onze auto, en ons uiterlijk, er minstens even mooi uitzien als die van onze buren en vrienden: dat verhoogt onze zo felbegeerde status. Die wedloop heeft ervoor gezorgd dat elke generatie sinds de jaren vijftig alleen maar rustelozer en angstiger is. We beseffen te weinig hoe direct alle beelden om ons heen op ons inwerken.

En er is nog iets heel wreeds. In feodale tijden accepteerde je de status die je van bij je geboorte had meegekregen: je hoefde je niet vernederd te voelen omdat je minder had dan een ander, want je plek in het leven lag vast. Je kon mensen die meer hadden wel haten, maar je hoefde je niet te schamen omdat je lager op de ladder stond dan zij, want daar kon je niets aan doen. In een samenleving die gelooft dat alles voor iedereen bereikbaar is, ben jij en jij alleen er verantwoordelijk voor of je het maakt of niet: iedereen krijgt wat hij verdient. Pijnlijk, en onzinnig bovendien. Er zijn zoveel factoren die mee bepalen hoe je leven loopt: talent, geluk, gezondheid ... In de middeleeuwen noemden ze een arme mens een unfortunate: daarmee erkenden ze de rol van Vrouwe Fortuna. Als je het nu niet maakt, noemen ze je meteen een loser.

Een wereld waar iedereen zogenaamd alles kan bereiken, is heel erg slecht voor je gevoel van eigenwaarde - want als je buurman meer heeft bereikt dan jij, is het moeilijk om dat niet te ervaren als een verwijt aan jezelf: waarom kon ik dat niet? Je denkt onwillekeurig meteen: er is iets mis met mij.

Nooit hebben we zulke hoge verwachtingen gekoesterd, maar tegelijk zijn we ook nog nooit zo ontevreden geweest en hebben we ons nog nooit zo opgejaagd gevoeld. We verlangen allemaal meer dan we willen toegeven naar rijkdom, succes of status, en we zijn geobsedeerd door wat anderen van ons denken en wat zij allemaal voor elkaar krijgen. En al die statusangst proberen we te bestrijden door meer van hetzelfde: meer geld verdienen, onze collega's of vrienden nog harder benijden en beconcurreren. Maar 's nachts liggen we wakker, omdat het leven zo anders in elkaar zit dan we dachten. Het is gewoon heel oncomfortabel: dag in dag uit dingen doen en nastreven die helemaal niet overeenkomen met wat we eigenlijk willen en denken. Het is ook ongezond.

Oliver James