zaterdag 22 september 2012

Voor een gekwetst mens


Tranen als kristallen druppelen langs haar gelaat omlaag.
Een glinstering van emoties, bevroren door de ijzige koude.

Haar hart gepantserd, de hekken stevig vergrendeld.
Niemand mag immers schouwen in de pijn die zij heeft verstopt.

Uiterlijk is niets te merken, de buitenkant is duidelijk afgesloten.
Maar daaronder een smeulende emotie,
een hart duidelijk van slag.

Zij zou zo graag willen aarden, even die broodnodige rust.
Een stukje voor haar zelf, om weer door te kunnen gaan.

De lasten en verplichtingen drukken,
de buitenwacht hoeft dit niet te weten.
De vrouw sjokt moeizaam verder
met een groot kruis op haar schouder.

Dan ontwaakt zij uit een diepe slaap, en ziet een nieuwe morgen.
Nimmer had zij ingezien dat ze andere wegen kon bewandelen.

Zij hoeft zich niet zo te laten onderdrukken,
mag ook een compleet mens zijn.
Laat de ogen zich maar openen
en nieuwe aspecten worden getoond.

Dan hoeft zij niet te kruipen, mag ook uniek zijn.
Een kleine keuze wordt gemaakt en de aarde draait compleet.

Wie was dat wezen eigenlijk?, zo totaal ondergesneeuwd
Is dat nu de vrouw die een verlengstuk was van die ander?

Ja daar staat ze nu, en rekt zich uit.
De kettingen vallen van haar af.
De strijd is aangegaan
en haar eigenwaarde komt met sprongen terug.

Ziet gij kleine mens, dat voor recht te kiezen,
alle onrecht teniet wordt gedaan.
En een mens herrijst uit zijn cocon.

Niets meer te verliezen, alles is al gezegd.
De mens die staat voor eerlijkheid kan
met een gerust hart zijn tranen drogen.

Bijna uitgegleden, in emoties verstard.
Op het allerlaatste moment
bood God jou de helpende hand.
En schoorvoetend, maar met wilskracht,
kan die mens zijn weg vervolgen.

Niets kan je meer verliezen,
de mens heeft immers alles in zich.
Droog maar snel je tranen
en wendt je tot de 'zon'
die jouw verstarde lichaam zal verwarmen.