Posts tonen met het label Jonathan Livingston Zeemeeuw. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Jonathan Livingston Zeemeeuw. Alle posts tonen

vrijdag 29 oktober 2021

Een gewone meeuw

Jonathan Livingston Zeemeeuw is het verhaal van een meeuw die zijn meeuwenleven te beperkt vindt. Jonathan Livingston streeft naar iets hogers - ook letterlijk, door zo hoog en zo elegant en zo snel mogelijk te vliegen. De meeuwenkolonie stoot de nieuwlichter echter uit, die het dan in zijn eentje moet redden. Jonathan Livingston Zeemeeuw komt erachter dat verveling en angst en haat de redenen zijn dat een meeuwenleven zo kort is, en omdat hij dat alles niet kent, leidt hij inderdaad een lang en gelukkig leven. Al vliegend komt hij in een hogere werkelijkheid terecht, een wereld waar meer meeuwen zijn zoals hij. 


Frederik Wieger Zeemeeuw was nog maar heel jong, maar toch wist hij al dat er nooit een meeuw zo hardvochtig behandeld was door een Vlucht en nog nooit zo onrechtvaardig.

Het kan me niet schelen wat zij zeggen, dacht hij verbeten, en hij staarde door zijn tranen heen voor zich uit, terwijl hij verder vloog naar het Grijze Klif. Vliegen is zo veel meer dan alleen maar wat heen-en-weer fladderen! Dat doet een... een... Zelfs een mug kan dat! Eén kleine snelle rol om de Oudste heen, alleen maar als grapje, en ik ben een banneling! Zijn ze dan blind? Zien ze dan niets? Begrijpen ze dan niet hoe heerlijk het zou zijn als we echt leerden vliegen? Nee, het kan me niet schelen wat ze zeggen. Ik zal ze laten zien wat vliegen is! Dan zál ik vogelvrij zijn, als ze dat zo graag willen. Ze zullen het merken. En ze zullen er spijt van krijgen...'

'Wees niet hard tegen ze, Frederik Zeemeeuw. Door jou uit te stoten hebben de andere meeuwen alleen zichzelf pijn gedaan en eens zullen ze dat beseffen en eens zullen ze je begrijpen. Vergeef hen en help hen om te leren.' De stem kwam van binnenuit zijn hoofd en ofschoon hij heel vriendelijk klonk, schrok Frederik er zo van, dat hij uit balans raakte en zigzagde in de lucht. Op een centimeter afstand van zijn rechtervleugel vloog de mooiste en witste meeuw die hij ooit gezien had, zonder enige inspanning voortglijdend, zonder maar een veer te bewegen en dat op een snelheid die dicht bij Frederiks maximum lag. Eventjes wist de jonge vogel niet meer wat hij moest doen. Wat is dit? Ben ik gek geworden? Ben ik dood? Wat is er met me?

Zacht en kalm' klonk weer de stem binnen in hem en stelde hem een vraag. 'Frederik Wieger Zeemeeuw, wil je vliegen?' 'Ja, ik wil vliegen' 'Frederik Wieger Zeemeeuw, wil je werkelijk zo graag leren vliegen dat je de Vlucht wilt vergeven en later als je geleerd hebt, wil je dan teruggaan en de anderen helpen om het te leren? Het was onmogelijk te liegen tegen dit prachtige, oprechte schepsel, hoe trots of gekwetst Frederik ook was. "Ja, dat beloof ik", zei hij zachtjes. "Goed Freek," zei de witte meeuw, heel zacht en vriendelijk, "laten we beginnen met de horizontale vlucht..."

Jonathan Livingston Zeemeeuw,
Richard Bach / Russel Munson

donderdag 2 februari 2012

Jonathan Livingston Zeemeeuw


Ze kwamen in de avond en troffen Jonathan Livingston Zeemeeuw alleen, vredig voortglijdend langs zijn geliefde hemel. De twee meeuwen die naast zijn vleugels verschenen waren zuiver wit als sterrenlicht, en het schijnsel dat ze uitstraalden was zacht en vriendelijk in de hogere donkere nachtlucht. Maar het mooiste van alles was de perfectie waarmee ze vlogen, hun vleugel tips bewegend op precies een centimeter afstand van de zijne.

Zonder een woord te zeggen onderwierp Jonathan hen aan een proef, een proef die nog nooit een meeuw had doorstaan. Hij draaide zijn vleugels en liet zijn snelheid teruglopen tot een enkele mijl boven zijn overtreksnelheid. De twee stralende vogels vertraagden hun vlucht tegelijk met hem, soepel, hun formatie gesloten houdend.
Ze kenden het geheim van het langzaam vliegen.

Hij vouwde zijn vleugels samen, maakte een rolbeweging en stortte zich in een duikvlucht, tot hij een snelheid bereikt had van driehonderdtachtig kilometer per uur. Zij doken naast hem, naar omlaag flitsend nog steeds in formatie,
zonder een enkele hapering.

Hij won weer hoogte en zweeg een tijdje, voor hij iets zei. "Goed dan," zei hij, "wie zijn jullie?"

"Wij zijn van jouw Vlucht, Jonathan. Wij zijn je broeders." De woorden klonken kalm en beslist.
"We zijn gekomen om je hogerop te brengen, naar huis."

"Ik heb geen huis. Ik heb geen Vlucht. En we vliegen nu in de hoogste zone van de Grote Bergwind. Hoger dan een kleine honderd meter kan ik dit oude lijf niet meer krijgen."

"Dat kun je wel, Jonathan. Want je hebt het geleerd. Je hebt de ene leerschool voltooid,
en het is tijd om aan een andere te beginnen."

Het licht, dat hij zijn hele leven in zich had voelen branden, scheen helderder dan ooit. Ze hadden gelijk. Hij, Jonathan Zeemeeuw, kon wèl hoger vliegen,
en het wàs tijd om naar huis te gaan.
Hij wierp nog één keer een lange blik op de hemel, op dat prachtige zilveren land waar hij zoveel had geleerd.

"Ik ben bereid," zei hij tenslotte.

En Jonathan Livingston Zeemeeuw steeg naar boven,
samen met de witte sterrenvogels, om te verdwijnen
in een strakke donkere lucht.

Richard bach - Jonathan Livingston Zeemeeuw